Interview met Wim Vugteveen: Versterken groen onderwijs in Limburg

Versterken groen onderwijs in Limburg is een van de hoofdlijnen binnen het CITAVERDE College strategisch beleidsplan 2020>2023.

We spraken Wim Vugteveen (docent Veehouderij bij CITAVERDE College Horst) over de samenwerking van CITAVERDE met het bedrijfsleven.


Kun je jezelf eerst even voorstellen?

“Als je me vroeger zou vragen wat ik wilde worden was dat duidelijk: boer. Docentschap stond onderaan mijn lijstje van toekomstige beroepen. Ik ben van boeren afkomst en opgegroeid tussen de varkens en koeien. Maar omdat het bedrijf van mijn vader werd verkocht ben ik het bedrijfsleven in gegaan. Daar gaf ik met name voorlichting en advies over diervoeding. Een paar jaar geleden maakte ik de overstap naar CITAVERDE, waar ik nu docent en beleidsmaker ben op het gebied van veehouderij. Mijn rol zit tussen het MT en de docenten in. Ik ben verantwoordelijk voor de manier waarop wordt lesgegeven, hoe we ons onderwijs verder ontwikkelen en hoe het bedrijfsleven betrokken wordt bij CITAVERDE. Maar mijn passie voor veehouderij blijft en die wil ik door daarnaast les te geven ook graag delen met mijn studenten.”

De inbreng van ‘Groene’ kennis is steeds belangrijker. Waarom is de samenwerking met het bedrijfsleven belangrijk voor CITAVERDE?

“Als onderwijs in een ander speelveld zou spelen dan het bedrijfsleven, dan begrijpen we elkaar niet. Naast de basisvakken die studenten volgen, zorgen we er ook voor dat zij opgeleid worden naar de behoefte van het bedrijfsleven. Dit moet op één lijn zitten. Wat zijn de actualiteiten binnen het bedrijfsleven en welke problemen zijn er? Daar speelt het onderwijs op in, zodat de aansluiting met het werkveld optimaal is.”

Hoe geeft CITAVERDE vorm aan die samenwerking?

“Allereerst is er de BPV-stage, waarbij de mentor contact houdt met de stage-bedrijven. Dat is een belangrijke onderdeel bij CITAVERDE. De bedrijven zijn allemaal ingeschreven bij het stagebureau, waar studenten kunnen zoeken naar een passende stage. Onderling bespreken zij natuurlijk ook waar je veel leert en wat een fijn bedrijf is. Dat is prettig, want zo filteren de studenten de bedrijven en leren ze hun netwerk te gebruiken. Bovendien maken zij ook kennis met echte bedrijven bij de stagemarkten die we organiseren.

Wat we daarnaast doen aan de samenwerking met het bedrijfsleven is gastsprekers uitnodigen in de les, excursies organiseren of bedrijfsbezoeken. Het praktijkleren is hierbij belangrijk: niet alleen luisteren, maar ook bezig zijn met de dieren. Denk aan metingen doen aan het dier, ‘ruiken’ aan het dier en spekdikte meten. Dat maakt het vele malen leuker én leerzamer.

"Door het onderwijs in de praktijk te laten plaatsvinden is het relevanter voor de leerling en sluit je beter aan op het werkveld."
 

Samenwerken met het bedrijfsleven gebeurt ook door het organiseren van de College Bank
Wat is dat precies?

“Het is een reeks van interessante bijeenkomsten gericht op kennisontwikkeling met de mensen uit ons werkveld. Hiermee proberen we een waarde-vol netwerk om CITAVERDE heen te bouwen. De laatste keer in Horst hadden we Lucas de Man op bezoek met een theatervoorstelling. Daarin vertelde hij over de problematieken in veehouderijland en dat maakte hij interactief door een vraag- en antwoordgesprek toe te voegen met het publiek. Studenten, oud-studenten en het bedrijfsleven worden uitgenodigd voor zo’n evenement. Het is hartstikke leerzaam voor onze studenten en op deze manier netwerken draagt ook bij aan de samenwerking met Groene bedrijven in Limburg.”

Kun je eens vertellen wat de rol van studenten is bij aan de versterking van het Groene onderwijs?

“Jongeren zijn heel erg welkom in de veehouderij-sector, omdat deze nu voornamelijk uit de oude garde bestaat. Door die oude garde met de jongeren in contact te brengen ontstaan er nieuwe netwerken en connecties en leren zij ook echt van elkaar en elkaars ervaringen. Daarnaast bereiden studenten samen met mensen uit het bedrijfsleven ook regelmatig onderwerpen voor waarover ze een presentatie geven. De studenten zijn hierbij in de lead, dus moeten zelf contact opnemen met de bedrijven, andere studenten en oud-studenten uitnodigen, de presentaties voorbereiden en organiseren. Daar leren de studenten veel van, omdat ze zelf moeten nadenken over actuele onderwerpen, een mening daarover vormen en ook zelfstandig contact zoeken met experts die hen meer informatie kunnen geven.”

Er is ook een samenwerking met AgroLeeft. Wat voegt die toe aan de opleiding van studenten?

AgroLeeft is vier jaar geleden ontstaan. Het aantal deelnemers op agro-opleidingen nam af en samen met het bedrijfsleven bepaalden we in deze nieuwe samenwerkingsvorm hoe we dat konden veranderen. Sinds dit initiatief is het aantal deelnemers aan de opleidingen weer gegroeid. Dat komt doordat het bedrijfsleven sindsdien meer invloed heeft gekregen in het onderwijs, zodat het onderwijs mensen kan afleveren die gevraagd worden. De samenwerking met AgroLeeft heeft er ook voor gezorgd dat het bedrijfsleven het onderwijs beter begrijpt en we niet alleen maar bezig zijn met varkens en kippen. De sectorgroepen die we hebben samengesteld zorgen er ook voor dat het bedrijfsleven de mogelijkheid heeft om aan te geven welke trends er spelen en hoe ze vinden dat het onderwijs daarop aangepast moet worden, natuurlijk binnen de wettelijke kaders.”

Binnenkort gaat CITAVERDE samen met Helicon en Wellantcollege. Wat betekent dat voor de toekomst van het onderwijs?

“Dat heeft een grote meerwaarde, zeker voor veehouderij. Veehouderij zit nu nog erg in de vakkenstructuur. Het bedrijfsleven loopt daarmee iets voor op het onderwijs. Als meerdere partijen bij elkaar komen, zoals wij nu hebben gedaan met Helicon en Wellantcollege, kunnen we de kans aangrijpen om het onderwijs te verbeteren. Ik hoop dat we dit in de toekomst nóg meer acti-viteitgericht gaan maken. Het is voor een student bijvoorbeeld veel interessanter om te weten hoe koeien, varkens en kippen gevoerd worden, dan hierover te leren uit een boek.”

Hoe zie jij de toekomst van het Groen onderwijs in Limburg?

“Ik hoop dat we in de toekomst meer denken in activiteiten in de veehouderij en daarbij de bedrijfsbezoeken blijven doen. En misschien gaat er ook wel meer online gebeuren, bijvoorbeeld meer onderwijs op afstand met e-learning pakketten. Dat doen we nu nog te weinig denk ik. Het aantal studenten zal wellicht iets afnemen, omdat de steeds groter wordende bedrijven toch vaak medewerkers uit het buitenland halen. Maar juist de kennis op dit vakgebied is in Nederland hoog ten opzichte van de rest van de wereld. Daarom zal veehouderij in Nederland altijd blijven, in welke mate ook.”

 

Wat zijn de actualiteiten binnen het bedrijfsleven en welke problemen zijn er? Daar speelt het onderwijs op in, zodat de aansluiting met het werkveld optimaal is. "